Hoe ziet
de Static Line-opleiding er uit?
Static Line Opleiding bestaat uit een grondgedeelte
en een springgedeelte. Eerst begin je met de grondopleiding
die 1 tot 1½ dag duurt . Hierin leer je hoe een parachute
in elkaar zit en hoe deze bediend moet worden en wat je moet
doen als hij niet goed open gaat. Ook word je geleerd hoe je
de parachute moet besturen en hoe je ermee moet landen. De parachute
is een rechthoekig goed bestuurbare parachute waar je bij juist
gebruik zachtjes mee kunt landen.
Het springgedeelte van de Static Line
opleiding bestaat uit 5 sprongen + 1 vrije val sprong.
Je springt alleen, je zit dus niet aan een instructeur vast
en er gaat ook niet iemand met je mee het vliegtuig uit, zoals
dat wel het geval is bij AFF.
Alle Static Line sprongen worden uitgevoerd vanaf 3000ft tot
4000ft, dat is tussen de 900 en 1200 meter.
Een sprong duurt ongeveer 3 tot 4 minuten.
Na sprong nummer 5 heb je je Static Line brevet gehaald. Na
deze 5e sprong kun je je eerste vrije val maken door middel
van een AFF-sprong.
Zo maak je dus goed kennis met parachutespringen en ben je misschien
zo enthousiast dat je de hele AFF
opleiding wilt doen.
Geen vrije val techniek in een
Static Line opleiding?
De staticline opent je parachute weliswaar direct, maar voordat
deze helemaal open is ben je toch zo'n 50 tot 100 meter gevallen
en dat is nog altijd ruim meer dan bij een gemiddelde bungyjump.
Verder moet je zelf je parachute controleren tijdens het openen,
je moet het allemaal zelf handelen. Het sturen en landen vormt
een uitdaging op zich.
Door de vele indrukken kan AFF (door de vrije val) voor sommigen
teveel stress opleveren.
Dan is Static Line juist een prima manier om te wennen aan het
springen uit een vliegtuig en heb je minder hindernissen te
overwinnen als je daarna toch nog AFF zou willen doen.
Lees meer »
|